
Ons mansardedak is acht jaar geleden door de vorige eigenaar deels geïsoleerd — maar alleen het bovenste schuine vlak. Het knikvlak en de onderste schuinte zaten nog op de oude glaswol uit de jaren tachtig. Vorig najaar ben ik dat gaan oplossen, en in dit artikel volg je het proces stap voor stap, van eerste check tot eindafwerking.
Een mansardedak (ook wel knikdak of dubbel hellend dak) heeft twee verschillende dakhellingen, met een knik in het midden. Dat maakt isoleren net iets ingewikkelder dan een gewoon schuin dak — én net iets de moeite waard, want via mansardedaken gaat in oude huizen veel warmte verloren.
Week 1: opname en planning
Begin met een goede inspectie aan de binnenkant. Hoe is het dak opgebouwd: gordingen, panlatten, dampscherm aanwezig of niet? Bij oudere mansardedaken zit er vaak géén dampscherm tussen de pannen en de oude isolatie, wat condensatieproblemen kan geven als je zomaar nieuwe isolatie ertussen propt.
Meet de gordingdikte (bij ons 12 cm), de afstand tussen de gordingen (45 tot 60 cm meestal), en bepaal hoeveel isolatiedikte je kwijt kunt zonder de gordingen voor te zetten. Bij ons paste 14 cm steenwol prima door één centimeter ventilatieruimte aan te houden tussen isolatie en panlatten.
Week 2: materialen kiezen en bestellen
Voor isolatie tussen gordingen werken in NL voornamelijk drie materialen: steenwol (Rockwool of Knauf), glaswol (Isover), of een houtvezelplaat (Steico, Pavatex). Steenwol zit qua prijs en isolatiewaarde in de gulden middenweg en is brandwerend. Bij een mansardedak met onbekende oude isolatie eronder is steenwol een veilige keuze.
- Steenwol 14 cm (lambda 0.035) — voor de hoofdvlakken
- PE-dampremmende folie van minimaal sd 5 — aan de warme kant (binnenzijde)
- Tape voor naden van het dampscherm (Pro Clima of vergelijkbaar)
- Gipsplaten 12,5 mm voor de afwerking, of OSB als je nog ruimte wilt voor leidingen
- Tengels (24 mm) als rachelhout voor de gipsplaat-afwerking
Week 3: oude isolatie eruit
Dit is het smerige deel. Schroef de oude gipsplaten weg, trek de oude glaswol eruit, gooi alles in zware vuilniszakken. Werk met een stofmasker (FFP3), beschermbril, lange mouwen en handschoenen — oude glaswol prikt nog steeds enorm. Inspecteer terwijl je dit doet of er waterlekken zijn geweest of houtrot zichtbaar is bij de gordingen.
Bij ons bleek één gording aan de noordkant lichtbeschadigd door een oud lek dat we niet kenden. Reden om eerst de dakpannen aan die kant te checken voor we doorgingen — dat kostte een extra weekend maar voorkwam dat de nieuwe isolatie binnen vijf jaar weer nat zou worden.
Week 4: ventilatiespouw maken
Cruciale stap die vaak overgeslagen wordt: zorg voor één tot twee centimeter ventilatieruimte tussen je nieuwe isolatie en de pannen of dakbeschot. Bij ons hebben we daarvoor smalle latjes (15 mm dik) tegen het dakbeschot getimmerd vóór we de isolatie aanbrachten. Zonder die ventilatie blijft vocht hangen en gaat de isolatie binnen een paar jaar slechter werken.
Week 5: isolatie aanbrengen
Het leukste, want je ziet direct resultaat. Snijd de steenwoldekens een centimeter breder dan de tussenruimte tussen de gordingen — dan klemt het materiaal vanzelf zonder dat het wegzakt. Werk laag voor laag, eerst de schuine vlakken, dan de knik, dan de korte schuinte aan de gevelzijde.
De knik is het lastigst: snijd de steenwol daar in driehoekige stukken en zorg dat er geen kierruimte ontstaat in de hoek zelf. Kieren bij de knik geven later het meeste warmteverlies — dat zijn precies de koudebruggen waar tochtschade ontstaat.

Week 6: dampscherm plaatsen
Tegen de binnenkant van de gordingen komt het dampscherm. Span het strak, niet bobbelig, en tape alle naden én alle perforaties (rond schroeven, leidingen) zorgvuldig dicht. Dit dampscherm is écht het onderscheid tussen een goed werkende isolatie en eentje die binnen drie jaar onder de schimmel zit. Niet op besparen.
Week 7: afwerken met gips en stuc
Tengels op het dampscherm, gipsplaten erop, naden afkitten en stuken of behangen. Bij de knik zelf moet de gipsplaat strak in de hoek, met een hoekprofiel om de naadlijn netjes te krijgen. Hier kun je sowieso ook een vakkundige stukadoor inschakelen voor het laatste handwerk als je niet zelf de fijne motoriek hebt — die werkt het in een dag glad af.
Het resultaat
De zolder voelt nu een graad of vier warmer in de winter en blijft ’s zomers vele uren langer koel. De gasrekening is van december tot maart met ongeveer 18% gedaald ten opzichte van vorig jaar (we hebben dezelfde thermostaat-instelling). Investering was rond de €1.450 aan materiaal voor ongeveer 28 vierkante meter dakvlak, plus drie weekenden eigen tijd. Geen aannemer, geen verrassingen.
Veelgestelde vragen
Heb ik een vergunning nodig voor isolatie aan de binnenkant?
Voor isolatie tegen de binnenkant van het dak heb je in vrijwel alle Nederlandse gemeenten geen vergunning nodig. Het wordt onderhoud genoemd, niet verbouwing. Alleen als je het dak van buitenaf openmaakt of de constructie aanpast, kan een omgevingsvergunning nodig zijn.
Krijg ik subsidie voor het isoleren van een mansardedak?
Ja, via de ISDE-subsidie krijg je een bijdrage als je minstens 20 m² met minimaal Rd 3,5 (ongeveer 14 cm steenwol) isoleert. Bedragen wisselen per jaar, dus check actuele info bij RVO.
Kan ik PIR-platen gebruiken in plaats van steenwol?
Kan, en heeft als voordeel dat je minder dikte nodig hebt (8 cm PIR = ongeveer 14 cm steenwol). Nadeel: brandbaarheid en lastiger op maat snijden bij de knik. Bij een mansardedak met de knik-uitdaging is steenwol vaak praktischer.
Hoe lang duurt het hele project?
Bij een gemiddeld mansardedak van 25-35 m², zonder professionele hulp, reken je op 4 tot 7 weekenden. Een aannemer doet hetzelfde meestal in een week.